Nieuws

Hof van Justitie ondervraagd over draagwijdte verplichte transparantie bestek

Bij arrest van 6 januari 2015 heeft de Raad van State een prejudiciële vraag gesteld aan het Europees Hof van Justitie, om te laten nagaan of de transparantieverplichting inzake overheidsopdrachten ook vereist dat de beoordelingsmethodologie op voorhand wordt bekend gemaakt in het bestek.

WITTE BOORDCRIMINALITEIT

Het kantoor heeft een jarenlange reputatie in het behartigen van de belangen van het cliënteel bij alle conflicten in het publiek recht die leiden tot vervolging en handhaving voor de strafrechtbanken, voornamelijk in de sector van de stedenbouwmisdrijven en milieumisdrijven: alle problemen inzake het bouwen en exploiteren zonder de nodige vergunningen of in strijd met de voorwaarden van de vergunning. Sedert de invoering van het zogenaamd Milieuhandhavingsdecreet in het milieurecht en recent bevestigd inzake ruimtelijke ordening en stedenbouw in het Handhavingsdecreet ter uitvoering van de handhaving in het kader van de omgevingsvergunning vallen daar ook alle problemen onder die aanleiding geven tot zogenaamde bestuurlijke handhaving door de overheid. Het kantoor staat het cliënteel bij dat aldus geconfronteerd wordt met bestuurlijke dwangmaatregelen, zoals herstelvordering, administratieve boetes en andere bestuursdwang.

Het kantoor heeft een juridisch standaardwerk op zijn naam als mede-editor inzake witte boordcriminaliteit in het omgevingsrecht: A. De Nauw, P. Flamey en J. Ghysels (eds.), Milieustraf- en Milieustrafprocesrecht. Actuele vraagstukken, Gent, Larcier, 2005, 578p.